Spelregels
Zweterige handen bij handbal: wat helpt er echt?
Wat doen jeugdspelers met zweterige handen tijdens de training of wedstrijd? Een nuchter overzicht van oorzaken, middeltjes en kledingtips voor handbal.
Wie tijdens een handbalwedstrijd last heeft van zweterige handen, heeft vooral baat bij een droge handdoek aan de zijlijn, hars of magnesiumpoeder waar de scheidsrechter het toestaat, en kleding die zweet opneemt in plaats van vasthoudt. Zweterige handen zijn normaal bij inspanning en spanning, en bij de meeste jeugdspelers wisselen ze per training. Alleen als de handen ook in rust voortdurend nat zijn en het dagelijks leven verstoren, is er mogelijk sprake van overmatig zweten, en dan is het verstandig de huisarts te raadplegen.
In dit artikel staat wat er in en rond de handbalzaal gebeurt met zweterige handen en voeten, wat ouders en trainers praktisch kunnen doen, en waar de grens ligt tussen normaal zweet en een aanhoudend probleem. Voor wie buiten de sporthal meer wil weten over zweet aan handen, voeten en oksels, is er informatie over zweterige handen te vinden die verder ingaat op oorzaken en dagelijkse gewoontes.
Waarom worden handen nat tijdens een handbalwedstrijd?
Zweet is de manier waarop het lichaam afkoelt. Bij inspanning stijgt de lichaamstemperatuur, en de zweetklieren in handpalmen en voetzolen reageren daar sterk op. Daarnaast spelen zenuwen een rol: spanning voor een wedstrijd, een strafworp of een één tegen één situatie activeert het zenuwstelsel dat ook de zweetklieren aanstuurt. Veel jeugdspelers merken dat hun handen vlak voor de aftrap klam zijn, en tijdens de wedstrijd weer opdrogen.
Dit is volkomen normaal en geen teken van zwakte of gebrek aan fitheid. De zaal verwarmt bovendien mee: bij een volle tribune en veel beweging loopt de temperatuur in de sporthal op, wat het zweten versterkt. Wie weet dat zijn handen snel nat worden, kan daar in de voorbereiding rekening mee houden door een handdoek klaar te leggen en niet vlak voor de warming up warme dranken te drinken.
Een bijzonder fenomeen is het zweten van de handpalmen bij spanning, terwijl de rest van het lichaam droog blijft. Dit komt veel voor bij kinderen en tieners en verdwijnt bij de meesten vanzelf naarmate ze meer wedstrijdervaring opdoen. Trainers kunnen dit af en toe benoemen, zodat spelers weten dat ze niet de enige zijn.
Wat helpt tegen natte handen tijdens het spelen?
De eerste en meest betrouwbare oplossing is drogen. Een kleine handdoek of een washandje in de sporttas, binnen handbereik bij de wisselbank, lost het grootste deel van het probleem op. Spelers mogen tijdens spelonderbrekingen naar de zijlijn om de handen af te vegen.
Daarnaast bestaat er hars, ook wel colofonium genoemd, en magnesiumpoeder. Hars wordt in veel sporten gebruikt om de grip te verbeteren, onder andere bij gymnastiek en atletiek, en ook bij handbal en volleybal wordt het door sommige spelers gebruikt. Het kleverige laagje op de vingers geeft meer gevoel en controle op de bal. Belangrijk is dat de toepassing binnen de regels valt: vette crèmes of middelen die de bal glad maken zijn niet toegestaan, en in sommige zalen is poeder beperkt omdat het vies achterblijft op het speelvlak. Vraag het na bij de trainer of scheidsrechter voordat een speler ermee begint.
Verder helpen kleine gewoontes. Een shirt met korte mouwen waarmee je de handen kunt afvegen, droge reservehandschoenen of sokken voor na de wedstrijd, en het losmaken van te strakke polsbandjes zodat lucht bij de huid kan. Wie gehinderd wordt door natte schoenen, kan dunne sportsokken van vochtregulerend materiaal overwegen en de schoenen na de training laten drogen op een geventileerde plek, niet op de verwarming.
Is overmatig zweten een probleem voor een handbalcarrière?
Nee, in de meeste gevallen niet. Zweet verstoort het spel niet als er gedroogd kan worden, en veel spelers op hoog niveau zweten ruim. Het wordt alleen een belemmering als de handen ook buiten de inspanning voortdurend nat zijn, als de bal regelmatig uit de vingers glipt ondanks drogen, of als de speler er zoveel last van ervaart dat hij of zij het spelen gaat vermijden.
In dat laatste geval kan er sprake zijn van hyperhidrose, een aandoening waarbij de zweetklieren veel meer vocht produceren dan nodig is voor temperatuurregeling. Dit komt voor aan handpalmen, voetzolen, oksels en het gezicht. De aandoening is niet gevaarlijk, maar kan het dagelijks leven flink in de weg staan, van schoolwerk tot sociale situaties. De huisarts kan de klacht in kaart brengen en zo nodig doorverwijzen. Voor ouders geldt: neem de klacht van een kind serieus, ook als het jou een klein probleem lijkt.
Wel goed om te weten: zweten zegt niets over conditie. Een speler die veel zweet is niet per definitie slechter getraind, en een speler die weinig zweet is niet per definitie beter. De zweetproductie verschilt per persoon en is deels aangeboren.
Welke kleding en uitrusting helpen bij veel zweten?
Kledingkeuze maakt bij zweten meer uit dan veel spelers denken. Dunne, ademende stoffen nemen zweet op en geven het af aan de lucht, terwijl dikke synthetische shirts zonder ventilatie het vocht vasthouden. Een donker clubtenue heeft bovendien als voordeel dat zweetplekken minder opvallen, iets wat vooral tieners die zich bewust zijn van hun uiterlijk kunnen waarderen. Bij wedstrijden in licht tenue kunnen onderhemdjes van vochtregulerend materiaal het zweet van de huid houden.
Ook hier geldt dat de wasritueel meetelt: kleding direct na de training ophangen in plaats van in de sporttas laten zitten, voorkomt geur en bacteriën. Schoenen af en toe eruit halen met losse binnenzolen drogen sneller en gaan langer mee. Polsbandjes en kappen regelmatig wassen op hoge temperatuur, want daar zitten de meeste bacteriën die voor geur zorgen.
Voor spelers met gevoelige huid is een milde zeep na de training voldoende. Wie snel last heeft van schrale plekken door vocht en wrijving, kan die gebieden insmeren met een verzorgende crème naar het douchen. Sterke producten op een wedstrijddag zijn niet verstandig, omdat irriterende stoffen en inspanning samen huidklachten kunnen geven.
Hoe ga je als ouder of trainer met het onderwerp om?
Praat erover als een praktisch onderwerp, niet als een gebrek. Een korte vraag voor de training, zoals of de speler last heeft van natte handen, opent vaak het gesprek. Zorg dat er altijd een handdoek in de sporttas zit en leg eventueel een reserve klaar bij de bank. Voor trainers van jonge teams kan het helpen om aan het begin van het seizoen te benoemen dat iedereen zweet en dat drogen onderdeel is van de routine.
Vermijd opmerkingen over geur of natte kledij waar de speler bij staat, zeker in de puberteit. Wie vermoedt dat een speler door zwetende handen de sport vermijdt of er mee zit op school, kan het gesprek met de ouders zoeken. Soms is een verwijzing naar de huisarts de meest logische stap.
Tot slot: zweet hoort bij sport. Het lichaam doet precies wat het moet doen tijdens een inspannende wedstrijd in een warme zaal. Met een handdoek, de juiste kleding en eventueel hars op toegestane momenten, kan vrijwel elke speler met zweterige handen ongestoord spelen. En wie thuis verder wil lezen over zweet aan handen, voeten of oksels, of over het verschil tussen deodorant en antitranspirant, vindt daar verschillende Nederlandstalige bronnen voor.