Handbal in Limburg
Hoe het handbal in Nederland kwam
Twee jaartallen dragen de geschiedenis van deze sport in dit land: 1926 voor het veld en 1947 voor de zaal. Daarna kwam de organisatie.
Handbal in Nederland begint met twee jaartallen: 1926 voor het veldhandbal en 1947 voor het zaalhandbal. Het eerste werd uit Duitsland geïmporteerd, het tweede groeide er een generatie later uit voort. Daarna volgde de organisatie, met een landelijke bond die de sport vandaag onderdak geeft vanuit Papendal.
1926: het veldhandbal steekt de grens over
De encyclopedie vermeldt het gewoon: in 1926 werd het veldhandbal vanuit Duitsland in Nederland geïntroduceerd. Daarmee is de sport hier bijna een eeuw oud. Het spel zoals het toen werd gespeeld, vond zijn oorsprong in Duitsland, waar veldhandbal in de eerste decennia van de twintigste eeuw vaste spelregels kreeg. De Nederlandse variant begon dus niet in de zaal maar in de open lucht, op een grasveld, met de afmetingen en regels die bij die spelvorm hoorden. Wie de sport vandaag kent uit sporthallen, moet zich voorstellen dat de eerste Nederlandse wedstrijden onder de hemel werden gespeeld, met weer en wind als factor. De spelvorm bestaat nog altijd, zoals beschreven staat bij het veldhandbal in Limburg en elders.
Wat veranderde er op het veld in 1970?
Sinds 1970 wordt op het veld met zeven spelers per team gespeeld. Dat cijfer staat genoteerd als keerpunt in de geschiedenis van de spelvorm: het veldhandbal kende oorspronkelijk een andere opzet, maar werd in dat jaar teruggebracht naar het formaat dat het zaalspel ook kent. Zeven spelers, waarvan een keeper, is sindsdien de maatstaf. Voor wie de sport wil begrijpen, is dat een belangrijk inzicht: veld- en zaalhandbal zijn aparte spelvormen met eigen regels, maar het aantal spelers op het veld is vandaag gelijkgetrokken.
1947: de zaal neemt het over
Eenentwintig jaar na de invoer van het veldhandbal begon in 1947 het zaalhandbal in Nederland. Deze spelvorm, beschermd tegen weer en wind, bood meer ruimte voor technische verfijning en tactische vervolmaking. Het is de variant die de sport in het land zou domineren. Het speelveld is 40 meter lang en 20 meter breed, verdeeld in twee helften door een middenlijn. Het doel heeft een opening van drie meter breed en twee meter hoog. Een team heeft zeven spelers op het veld, waaronder de keeper, en daarnaast zeven wisselspelers op de bank. Een seniorenwedstrijd duurt 2 x 30 minuten, met een pauze van 10 of 15 minuten. Wie de competitie-informatie van de bond raadpleegt, merkt dat vrijwel alle wedstrijden in Nederland vandaag in de zaal worden gespeeld.
Hoe zit het speelveld in elkaar?
Het zaalspel kent een aantal lijnen die het spel bepalen. De 6-meterlijn begrenst het doelgebied: alleen de keeper mag daar staan. De 9-meterlijn is de vrijeworplijn, van waaruit vrije worpen worden genomen. Daartussen, op zeven meter van de doellijn, ligt de één meter lange strafworplijn. Die lijn is uitsluitend van belang bij een strafworp, de zogenaamde 7-meterworp. Voor de rest gelden de bekende kernregels: een speler mag met de bal in de hand drie passen doen en moet daarna stuiten of afspelen. Met twee handen mag de bal niet langer dan drie seconden worden vastgehouden. De posities op het veld hebben elk een vaste naam: keeper, hoekspelers, opbouwers en cirkelloper.
Straffen en kaarten
Ook het straffenstelsel is vastgelegd. Een speler kan een waarschuwing krijgen, de gele kaart. Daarna volgt bij een volgende overtreding een tijdstraf van 2 minuten. Bij drie keer 2 minuten volgt een rode kaart, en bij zware overtredingen kan een diskwalificatie volgen, eveneens met rood aangeduid. Daarnaast bestaat de blauwe kaart, die bij zware overtredingen wordt getoond en altijd voorafgegaan wordt door rood. Het systeem geeft scheidsrechters een ladder van ingrepen, van mild naar streng, en maakt duidelijk waar de grens van het toegestane lichaamscontact ligt.
De bond en zijn cijfers
De organisatie van de sport ligt in handen van het Nederlands Handbal Verbond, het NHV. De bond ressorteert onder de wereldbond IHF en de Europese bond EHF. De zetel van het NHV bevindt zich in Sportcentrum Papendal. Het ledental bedroeg ongeveer 49.000 in 2019, en het aantal verenigingen werd in 2020 geteld op 359. Dat zijn de twee meest recente cijfers die over de omvang van de bond worden gepubliceerd; hoe de sport zich sindsdien ontwikkeld heeft, is uit die cijfers niet af te lezen. Wel laat het aantal verenigingen zien dat handbal in het hele land wordt beoefend, niet alleen in de zalen van de grote steden.
Hoe ziet de competitiestructuur eruit?
Binnen de structuur van de bond kent Nederland een pyramide van divisies. Bij de heren is de Next Handball League Men sinds 2024 de hoogste landelijke afdeling, eerder geheten de eredivisie. Die competitie werd opgericht in 1954 en heette tot en met het seizoen 1976/1977 de hoofdklasse. Er komen zestien teams in uit, met degradatie naar de Eerste divisie. Sinds seizoen 2014-2015 spelen de beste mannenteams eerst in de BENE-League. Bij de dames komen veertien teams uit in de Super Handball League, waar de winnaar van de reguliere competitie nog geen landskampioen is: die titel valt na een nacompetitie, met een finale in een best-of-three. Recordkampioen bij de heren is Sittardia met 18 titels.
De jeugd en de kleinere vormen
De bond onderscheidt leeftijdscategorieën van H tot A: de jongste spelers zijn 5 of 6 jaar, de oudste jeugd 17 tot 18 jaar. In de categorieën H, F, E en D kunnen jongens en meisjes samen spelen. Bij die groepen wordt op kleinere velden en in kleinere teams gespeeld. De reden die de bond noemt: kinderen komen vaker aan de bal, dribbelen, schieten en gooien meer op doel, en dat levert meer spelplezier en een betere ontwikkeling op. Naast het zaalhandbal publiceert de bond ook spelregels voor beach handball en rolstoelhandbal, met varianten in 6x6 en 4x4. Vanaf 1 juli 2026 geldt bovendien de nieuwe regel van de derde team time-out, precies een minuut per keer, voor de Hoofdklasse en hoger en voor de C-, B- en A-jeugddivisies. De volledige spelregels zijn te downloaden in de kennisbank op de encyclopediepagina over handbal staat de historische lijn, bij de bond liggen de actuele documenten. Van 1926 tot vandaag loopt één lijn: een Duitse veldsport die in Nederland een eigen zaaltraditie, een eigen bond en een eigen jeugdstructuur kreeg.